16. De (nare) kraamweek

16. De (nare) kraamweek

Na de bevalling van Luuk zat ik nog vol adrenaline, en zoals veel mensen van me gewend zijn ben ik vaak eigenwijs. De verpleegkundige wilde me ondersteunen naar de badkamer en me helpen met douchen, maar nee, dat kon deze mevrouw heel goed zelf.

Ik stapte zo het bed uit en heb heerlijk gedoucht. Daarna heb ik lekker mezelf aangekleed en toegekeken hoe mijn lieve man met ons lieve kind op de stoel voor pampus lag. We wilden graag nog naar het geboortecentrum om daar de eerste dag en nacht door te brengen maar voordat we daarheen konden moesten we wachten op de ontslagpapieren.
Eenmaal in het geboortecentrum aangekomen werden we ontvangen door, zo bleek, een voor ons bekende kraamverzorgster. Ze vroeg of we haar herkenden, maar nee dat deden we niet. Zij bleek de kraamverzorgster te zijn die ons vorig jaar bij de bevalling van Job had ontvangen in het geboortecentrum en ons de eerste paar uur heeft begeleid. Hoe bijzonder, helemaal omdat de verpleegkundige die de bevalling van Luuk heeft begeleid ons ook nog herkende van vorig jaar. Zij heeft ons toen samen met een andere verpleegkundige opgevangen toen we op de ambulance aan het wachten waren die ons naar het WKZ zou brengen.
Ik geloof niet echt in toeval, het heeft zo moeten zijn dat deze 2 vrouwen die ‘betrokken’ waren bij en na de bevalling van Job ook bij en na de bevalling van Luuk betrokken waren.

Toen we gesetteld waren besloten we eerst maar een paar uurtjes te gaan slapen zodat we wat konden bijkomen. Nadat we wakker waren geworden was het tijd voor een verlaat ontbijt en natuurlijk tijd om onze familie en vrienden te bellen. Hoe leuk was dat! Zo veel mensen die ervan uit gingen dat ik rond de 39 weken zou gaan bevallen werden toch nog verrast. Onze ouders, broers en zussen en een paar vrienden mochten diezelfde dag al langs komen. Onbewust was dit een heel slimme beslissing van ons, omdat we in het geboortecentrum lagen bleven de mensen ook niet heel lang en had toch iedereen Luuk al even kunnen zien. Dit heeft ons zeker meer rust gegeven in de daarop volgende dagen.

De volgende ochtend besloten we om naar huis te gaan, heerlijk! En het was zó fijn dat we weer dezelfde kraamverzorgster (A.) hadden als vorig jaar. Iemand die ons en onze geschiedenis kent.
Ik lag meer in bed dan ik eigenlijk van mezelf had verwacht, maar ik zat toch wat laag in mijn energie. Ook heb ik de eerste dagen geen één luier verschoont en liet ik het badderen van Luuk ook aan mijn man over. Daarnaast had ik niet veel eetlust en benoemde dit ook bij mijn man en bij A. Eigenlijk waren dit al de eerste tekenen dat er iets niet helemaal in de haak was. Toen ik na een paar dagen begon te klagen over buikpijn begonnen er wat alarmbelletjes te rinkelen. Mijn man en A. kennen mij en weten dat ik niet snel zal klagen over pijn dus mijn buikpijn werd serieus genomen. Gelukkig kwam er een verloskundige langs voor de controle dus ik vroeg haar om even aan mijn buik te voelen. Ze merkte niets bijzonders op en ik was gerustgesteld. De volgende dag bracht mijn man wat urine naar de huisarts, om een eventuele blaasontsteking uit te sluiten. Een uur later werden we gebeld dat er niets gevonden was. Toch was ik er niet gerust op omdat de buikpijn erger was geworden en A. had al een paar keer de term ‘baarmoederontsteking’ genoemd. Echter had ik geen koorts en alleen buikpijn als symptoom en bij een baarmoederontsteking hoor je nog wel wat meer symptomen te hebben. Ik wilde dat de huisarts langs kwam, wat nog niet zo gemakkelijk was om dat voor elkaar te krijgen, maar uiteindelijk kwam hij aan het einde van de dag. Ook hij vond niets bijzonders en weet het aan een terugzakkende baarmoeder wat normaal was.

De volgende nacht heb ik als een malle gezweet en voelde me absoluut niet goed. Mijn man ging boodschappen doen op het moment dat A. binnenkwam. Hij gaf bij haar aan dat ik me niet goed voelde en dat hij zich een beetje zorgen maakte. A. kwam boven en ik gaf bij haar aan dat ik naar de wc moest. Ik probeerde overeind te komen maar dat deed zo ontzettend veel pijn dat me dat niet lukte. A. heeft me onder mijn oksels omhoog en uit bed gehesen. Toen daarna bleek dat ik ook nog koorts had belde ze gelijk de verloskundige (dezelfde als die de bevalling van Job heeft gedaan en die ons het afgelopen jaar niet uit het oog was verloren). Ze kwam gelijk langs en toen ze in mijn ogen keek wist ze eigenlijk al genoeg. Ze belde het ziekenhuis zodat ik gelijk heen zou kunnen voor onderzoek. Daarnaast vond ze Luuk nog wat te geel zien en prikte ze hem voor zijn bilirubine. Ik zat er op dat moment helemaal doorheen, alles bij elkaar werd met te veel. Ik baalde en was boos dat ik naar het ziekenhuis moest, hadden we dan nog niet genoeg ‘pech’ gehad? En ik maakte me ineens zorgen over ons kleine mannetje en zag al helemaal voor me hoe we van elkaar gescheiden zouden worden in het ziekenhuis. Verder ging de borstvoeding ook nog eens belabberd. Luuk kon alleen met een tepelhoedje aan mijn borst maar hij heeft zo’n enorme zuigkracht dat hij alles gelijk kapot zoog. Ik zal jullie verdere bloederige details besparen maar wilde die ochtend een besluit nemen of ik zou gaan stoppen, of dat ik alleen nog maar zou gaan kolven. De verloskundige raadde me aan om die beslissing te laten voor wat het was tot ik weer thuis zou zijn. Ik kon me hier wel in vinden en zette het stoppen met borstvoeding nog even aan de kant.

Eenmaal in het ziekenhuis aangekomen hoorden we al snel dat er met Luuk niets aan de hand was, wat een opluchting!
Bij mij was mijn koorts nog wat gestegen en bleek al snel uit de echo dat er nog een stukje van de placenta was achtergebleven in mijn baarmoeder. Dit zou onder volledige narcose door middel van een curettage verwijderd worden. Helaas hadden we nog niet genoeg pech gehad en moesten we ook nog naar Zutphen worden overgeplaatst omdat het ziekenhuis in Apeldoorn vol lag. Blijkbaar was er een babyboom want het leek alsof heel Apeldoorn en omstreken lag te bevallen zo werd ons verteld.
In Apeldoorn kreeg ik al wel een infuus en werd er vast een eerste zak antibiotica gegeven. Toen die erdoor was konden we naar Zutphen waar ik diezelfde avond nog geholpen zou worden. Het infuus zouden ze laten zitten anders moest ik weer opnieuw geprikt worden. Oké dat is fijn, maar hoe gaan we naar Zutphen? Wij dachten, dat zal wel een ambulanceritje worden. Maar nee, blijkbaar is het volledig verantwoord om met een geprikt infuus in je hand met eigen vervoer midden in de spits naar Zutphen te reizen met een baby’tje van nog geen week oud.

In Zutphen aangekomen vertelden ze me ineens dat ik de volgende ochtend pas geopereerd zou worden. Hier was ik het natuurlijk niet mee eens. Ik gaf aan dat ze in Apeldoorn hadden gezegd dat ik diezelfde avond nog geholpen zou worden en ik had vreselijke buikpijn. Gelukkig hebben ze enorm hun best gedaan met de planning en iemand van huis laten aanrukken zodat ik inderdaad diezelfde avond nog naar de OK zou gaan.

Ziekenhuis

Om 20.30 uur werd ik naar de OK gereden en een uur later lag ik alweer op mijn eigen kamer. Mijn man en Luuk konden gelukkig allebei bij mij op de kamer blijven slapen, maar omdat ik mijn rust nodig had en Luuk toch niet kon verzorgen en ook mijn man wel een goede nachtrust kon gebruiken hebben we Luuk meegegeven aan de verpleging.
Die nacht sliep ik erg slecht, ik had enorme buikkrampen wat leek op enorme weeën. De volgende ochtend hoorde ik pas dat ik 600 ml bloed had verloren bij de ingreep en medicatie heb gehad om mijn baarmoeder goed te laten samentrekken. Dat verklaarde de enorme krampen.

Toen ik weer wilde gaan kolven kwam ik erachter dat mijn productie enorm gekelderd was. Van 125 cc op dag 7 naar nog maar 30 cc op dag 8, dit was niet eens genoeg voor één voeding. Ik hoorde dat dit een bijwerking was van de medicatie die ik had gehad. Ik zou dan weer medicatie moeten gebruiken om de productie op weer op gang te helpen maar omdat ik al twijfelde om al dan niet te stoppen met borstvoeding, maakte dit die keuze een stuk makkelijker. Ik ging stoppen en werd hierin door alle verpleegkundigen en lactatiekundige goed bij begeleid. Ik had verwacht dat iedereen me zou proberen om te praten maar iedereen begreep mijn keuze.

Ons was verteld dat je in principe na een curettage de volgende dag weer naar huis mag. Helaas bleef mijn koorts hangen en steeg deze zelfs nog, ondanks de enorme dosis aan antibiotica en paracetamol die ik kreeg.
Uiteindelijk mocht ik pas na 3 nachten naar huis, wat een tegenvaller! De kraamweek had ik me zo anders voorgesteld, nu lag ik in het ziekenhuis en was ik nog nooit zo ziek geweest. Ik had geen eens energie om Luuk vast te houden en was bang dat ik nu de cruciale hechtingsperiode had misgelopen.

Op de derde dag was eindelijk mijn koorts verdwenen en dacht ik dat we naar huis mochten. Helaas, je moet 24 uur koortsvrij zijn voordat je naar huis mag. Gelukkig voelde ik me alweer wat beter en kon ik Luuk weer lekker vasthouden.

Ziekenhuis3

Na 4 dagen mochten we eindelijk weer naar huis en begon ik me gelukkig met de dag beter te voelen en kon ik weer wat conditie gaan opbouwen. Zo optimistisch als ik was begonnen we de volgende dag gelijk aan een wandeling door het park van 3 kwartier, nou dat heb ik geweten.. Kapot was ik!

We hadden nog recht op een paar dagen extra kraamzorg en daarna met een goed gevoel afscheid van haar genomen.
Gelukkig had mijn man nog een week vrij en hebben we die maar beschouwd als dé kraamweek. Niet al teveel bezoek maar genoten met z’n drietjes. En al die knuffels die ik met Luuk had gemist in die eerste week? Die heb ik ruimschoots ingehaald!

Liefs,
-K-

Advertenties

Een gedachte over “16. De (nare) kraamweek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s